Bijna iedereen bewaart lege potten. Een pot van confituur, een bokaal van augurken, een glas van pesto: je denkt dat je het wel eens kunt gebruiken. Maar na een tijdje staat er een hele kast vol, en de deksels liggen in een aparte lade, zonder dat je weet welk deksel bij welke pot hoort. Een grens bepalen is de eenvoudigste manier om dit onder controle te houden.
Bepaal een vaste ruimte
Kies een kast, een plank of een kartonnen doos en spreek af dat alle lege potten daar bewaard worden. Meer dan dat past er niet. Is de ruimte vol, dan gaat er een pot weg voor er een nieuwe bijkomt. Dit lijkt streng, maar het werkt. Zo hoef je niet elke keer een grote opruimactie te houden, en weet je altijd hoeveel je hebt.
Kies de beste potten
Niet elke pot is even nuttig. Houd potten die goed sluiten, die gemakkelijk schoon te maken zijn en die niet te groot of te klein zijn. Potten met een lelijke vorm of een deksel dat niet meer sluit, kunnen naar de glasbol. Haal ook het etiket eraf als je de pot wilt hergebruiken, en was hem grondig uit. Potten die naar de vorige inhoud blijven ruiken, mogen weg.
Deksels en potten samen
Bewaar de deksels op de pot, zodat je nooit hoeft te zoeken. Als je stapelbare potten hebt, kun je ze in elkaar zetten en de deksels op een plankje leggen. Losse deksels zonder pot kun je gerust weggooien. Houd ze niet bij voor het geval dat, want dat geval komt zelden voor.
Waarvoor gebruik je ze?
Hergebruik is leuk, maar het heeft een doel nodig. Potjes zijn handig voor dressing, restjes, kruiden of om iets weg te geven aan de buren. Een grotere pot kan dienen voor knopen, schroeven of penselen. Geef ook eens een paar potten aan iemand die ze kan gebruiken, bijvoorbeeld aan een vriend die confituur maakt. Zo blijft de kast overzichtelijk en krijgen de potten een tweede leven.