Snacks en koekjes op één plek, zodat je overzicht houdt

Landschapsillustratie

Een pak koekjes in de ene kast, chips in de andere en een halve zak noten achter de bloem. Zo eindigt een gemiddelde snackvoorraad, en niemand weet nog wat er precies in huis is. Bovendien vergeet je snel wat er nog ligt, waardoor je te veel koopt of dingen laat liggen. Met een vaste plek voor alle snacks houd je het overzicht, en je kunt kinderen zelf laten kiezen.

Eén kast of één mand

Kies een lage kast, een plank of een grote mand als snackplek. Zet daar alles samen: koekjes, crackers, noten, gedroogd fruit en zoetigheid. Voor gezinnen met kinderen is een lage plek handig, omdat de kleinsten zelf iets kunnen pakken. Is de voorraad ruim, dan kun je een deel hoger zetten en alleen bijvullen wat de kinderen mogen kiezen.

Open pakken netjes sluiten

Open pakjes koekjes en zakjes chips worden snel zacht of stoffig. Sluit ze met een klem of stop ze in een bak met deksel. Doorzichtige bakjes zijn nuttig, want je ziet meteen wat er in zit en hoeveel. Haal het lege pak weg, zodat er geen restjes en kruimels blijven hangen. Een klein bakje voor verpakkingen aan de binnenkant van de kastdeur voorkomt dat alles op de plank belandt.

Afspraken die werken

Leg samen met het gezin uit hoe de snackplek werkt. Bijvoorbeeld dat er één keuze per keer is, of dat de snacks alleen na het eten genomen worden. Maak de regel eenvoudig en herhaal hem niet elke dag. Kinderen houden zich er beter aan als ze mee kunnen beslissen wat er in de mand zit. Zo wordt snacken geen strijd, en niemand hoeft te zoeken of te vragen.

Overzicht bij het winkelen

Wie de snackplek kent, ziet meteen wat er ontbreekt. Neem voor het boodschappen doen even een kijkje, en schrijf op wat je nodig hebt. Zo voorkom je dat je drie pakken van hetzelfde koekje koopt. Een beperkte plek zorgt er ook voor dat de voorraad klein blijft. Past er niets meer bij, dan koop je die week niets extra. Dat is goed voor de kast en voor je overzicht.