Ze verstoppen zich onder de gootsteen, achter de deur van de voorraadkast en in de la met theedoeken. Tassen en zakjes stapelen zich op, tot er ergens een hele berg ligt die bijna niemand ooit gebruikt. Het probleem is meestal niet dat je er te weinig hebt, maar dat je er te veel bewaart. Met een vaste plek en een simpele regel houd je het geheel overzichtelijk.
Kies één plek
Zoek een plek waar tassen en zakjes samen mogen wonen. Een houder aan de binnenkant van een kastdeur werkt goed, net als een mand of een stoffen zak aan een haak. Belangrijk is dat de plek makkelijk bereikbaar is, maar niet in het zicht hangt. Alles wat niet op die plek past, wordt weggedaan of hergebruikt. Zo krijgt het geheel vanzelf een grens.
Tas in tas
Een handige manier om plaats te besparen is een tas in een tas. Vouw de tasjes op, of stop ze in elkaar, en berg ze op in één stevige tas. Stoffen tassen die je vaak meeneemt, hangen het best bij de voordeur of bij je sleutels. Dan vergeet je ze niet als je de deur uit gaat. Leg er een paar in de auto of in je rugzak als reserve.
Hergebruik met mate
Kleine zakjes kunnen dienen als afvalzakjes voor het afvalbakje of voor de kattenbak. Grotere tassen zijn handig voor de sporttas, een picknick of om iets terug te brengen. Maar hergebruik heeft een grens. Als er meer zakjes binnenkomen dan je gebruikt, ligt het probleem bij het aanbod. Neem dan liever een eigen tas mee, zodat er minder binnenkomt.
Af en toe opruimen
Kijk af en toe in de tassenmand. Wat kapot of vies is, kan weg. Wat je niet gebruikt, kun je afgeven aan iemand die het wel kan gebruiken, bijvoorbeeld een buur of een vriend die vaak boodschappen doet. Zo blijft de plek klein, en wordt hij niet opnieuw een verstopplaats. Een kleine mand met een duidelijke grens doet meer dan een grote kast vol reserves.